Historie van de Giant Homer

Giant Homer Mijnduiven

De ontwikkeling van een grote Amerikaanse postduif tot de hedendaagse Giant Homer.

Toen men in Amerika, de eerste (vlieg) postduiven op de tentoonstellingen bracht werden deze (net zoals het in Nederland in de beginjaren met de NL Schoonheidspostduif ging) ingedeeld in een vlieg- of showklasse. Het werd daarbij al snel duidelijk dat het onderscheid kwam te liggen op de kopvorm en met name op de breedte van de snavelbasis. De gehele kop diende samen met de zeer fijne wrat een zeer prettige lijn te vormen met de nek. Het was dus logisch dat een mooie koplijn met stevige snavel en fijne neusdoppen het toekomstige kenmerk zouden gaan vormen van de Giant Homer. Het maken van een grote veldduif is zeker geen grote verdienste. Een kruising tussen drie willekeurige Amerikaanse “poelierrassen” zou al een behoorlijk resultaat in die richting hebben opgeleverd. Er zou dan weer een bruikbaar slacht duivenras aan de bestaande zijn toegevoegd, maar dit zou zeker geen aanwinst voor de shows betekenen. De initiatiefnemers en de ontwikkelaars van de American Giant Homer hebben nooit de bedoeling gehad een nieuw gebruikersras te maken. Toch kon men niet geheel loskomen van het inmiddels ontstane “algemene Amerikaanse duiftype”, het moest dus een duif worden met een diepe keeluitsnijding, brede borst, rechte rug, sterk taps verlopende romp, een licht opgerichte staart en bovenal de indruk geven van een eerste klas slachtduif. Het verschil met de andere gebruiksduivenrassen moest tot uitdrukking komen in de fraaie kopvorm, korte brede nek en een naar verhouding kort lichaam. Het ontwikkelen van dit ras was een ding, het vasthouden van de hiervoor geschetste kenmerken een heel ander probleem. Door de explosieve verspreiding van het ras, de onderschatting van het belang van de kopvorm, wordt gevreesd dat we substantie in de voorkop gaan verliezen. Ook worden de snavels snel lichter van bouw, wanneer men hierop niet zeer streng selecteert. Tenslotte is het aantal kleuren waarin de hedendaagse Giant Homer wordt gefokt al bijna te vergelijken met het aantal van de Modena’s.

American Giant Homer, door Sam B. Peavey, president van de American Giant Homer Association (AGHA).

De Amerikaanse Giant Homer is een echt Amerikaans ras, zowel in zijn ontstaan als in zijn ontwikkeling. Het is ook een relatief nieuw ras, wat in dit jaar haar 94 jarig bestaan herdenkt als een “Standaard erkend ras”. De American Giant Komer Special Club is opgericht in 1927 en heeft sindsdien als een actieve en vooruitstrevende club gewerkt. De eerste makers van het ras hadden een kort geprofileerde duif in gedachten van behoorlijke afmeting, voor de ontwikkeling van een commerciële slachtduif, waarvan de mogelijkheden er toen veelbelovend uitzagen. Gedurende de laatste halve eeuw heeft de Giant Homer zich ontwikkeld van een grote vliegpostduif tot een volle, ferme en compacte “gebruiksvogel”, 26 à 28 cm hoog, borstbreedte 13 tot 15 cm met een gewicht rond de 800 gram. Zijn type, bouw, stand en symmetrie plus zijn indrukwekkende combinatie van kracht en schoonheid, maken dit ras tot een plezier om te bezitten en te showen. Giant Homers komen in alle erkende postduivenkleuren voor, en bovendien in de aparte kleuren als opaal, andalusian, almond en de andere zeldzame kleuren van het genetisch randgebied. De Giant Homer fokkers staan bekend om hun grote interesse en initiatief m.b.t. de invoering van nieuw kleuren, zij waren de eersten die een speciale klasse “zeldzame kleuren” voor hun ras op de Shows invoerden. American Giant Homers zijn een uitstekend ras, voor zowel de beginnende als de gevorderde fokker. Voor de beginnende fokker is dit vooral eenvoudig te houden en zijn het goede en productieve ouders. Voor de meer ervaren fokker is dit ras een uitdaging, waarbij zij al hun ervaring en toewijding nodig zullen hebben om dit ras aan zijn standaardeisen te laten voldoen. Een algemene zorg van de hedendaagse Giant Homer fokker is het voortzetten van de ontwikkeling van deze vogel naar een volle en goede balans van kracht en schoonheid. De brede, diepe wigvormige romp, welke beslist solide en stevig moet aanvoelen, hebben deze vogel altijd gekarakteriseerd. Een toegenomen belangstelling valt er te constateren in de beoordeling op de zuiverheid van de kleuren en het kleurpatroon, kopbouw, kleurdiepte van het oranjerode oog, sterkte van de snavel en andere onderdelen zoalsin de gereviseerde standaard van 1982 zijn vastgelegd. Dit maakt de Giant Homer tot een waardevolle vogel, zowel voor de show alsmede als gebruiksvogels, thuis zowel als elders.




Top